Ochtendwandeling door Amsterdam (1)

Maandagochtend 15 maart 2021 loop ik via de Weesperzijde, langs de Amstel, van Station Amsterdam Amstel naar de Weesperstraat. Een merkwaardig phénomène de déjà vu overvalt me. De eens aangename omarming van deze buurt laat me twintig jaar na dato in de steek en lijkt ingewisseld voor een viezige afstandelijke stadsadem die me kil in het gezicht blaast. Mijn nieuwsgierigheid trekt me door de metamorfose van dit eens zo favoriet stukje Amsterdam. Hoe staat het er mee?

Van zomer 1993 tot najaar 2002 woon ik in Amsterdam-Zuid, driehoog in een riant appartement op de Van Tuyll van Serooskerkenweg nabij het Olympisch Stadion. Ik fiets en ik loop graag door mijn nieuwe stad en ontdek favoriete straten, plekken en mensen. In dit fotoblog ga ik terug, 20 jaar na dato. Op 22 maart fotografeer ik wat me opvalt. Klik op een foto om te vergroten.

Foto 001, 002 en 003

Aankomst in het Amstel Station, een favoriete plek en een fraai staaltje jaren ’30 architectuur waar onder andere meester-architect Cor van Eesteren de hand in heeft. In en om het station geven werkzaamheden de reizigerswens van nu 50.000 naar straks 80.000 aan. Tast dit de oorspronkelijke identiteit van Het Amstel aan?

In de achtergrond een vorig ambitieus project en voormalig hoofdkantoor van Philips. De Rembrandt Tower, de hoogste ‘wolkenkrabber’ van Amsterdam, is 150 meter hoog, telt 35 verdiepingen en werd in 1994 afgebouwd.

Gelukkig is er vanaf perronzijde voldoende te zien. Zoals dit gezicht op de stad. Wat een entree! En een belofte voor wat komen gaat. De stad lonkt.

Voor wie liever zit dan staat zijn er gezellige bruine zitjes over het sfeervolle perron uitgestrooid. Een keurig zwart hek voorkomt dat reizigers niet op het spoor terecht komen.

Foto 004, 005 en 006

Met de billen op een steenkoud zitje kijk ik uit op het Julianaplein. Wat gaat dit worden? Deze website gaat over het hoe en waarom van de renovatiewerkzaamheden. “Het Amstelstation functioneert in de basis nog steeds prima, maar het aantal bezoekers is de afgelopen jaren enorm toegenomen.” Ik hou mijn hart vast.

Het is te koud en winderig om op het perron te blijven zitten en bovendien heb ik over drie kwartier een afspraak op de Weesperstraat. Tussen het al snel oncomfortabel wordende perronmeubilair – keiharde bruine poefjes van Blom&Moors – en de uitnodigende roltrap naar de stationshal staan diverse voorwerpen die om aandacht vragen.

Door schade en schande wijs geworden, begrijp ik dat de prullenbakken verschillende openingen hebben met elk een eigen boodschap. Aan de tegels te zien gaat de communicatie niet altijd goed. De bewegwijzering, drie stappen verderop, is handig op ooghoogte geplaatst. Bij uit- of overstap wacht ik meestal tot de menigte OV-chippers min of meer verdampt is voordat ik spoor zoekend het station uitvlucht. Het valt voor mij niet mee om de informatie direct te begrijpen. Ik mis de tijden van Paul Mijksenaar

De centrale hal van het Amstelstation ziet er kleurig uit. De wandschildering van Peter Alma trekt de aandacht. Het tableau dateert uit 1937-1939. Ik hou van deze stijl.

Foto 007, 008, 009 en 010

Ik loop snel de Mr. Treublaan in, richting Amstel. Vanwege werkzaamheden op het stationsplein en in de tunnel laat ik mijn fototoestel uit. Ik vind het niet eerlijk om mijn beeld van de Weesperzijde te schetsen en de continue bouw van de stad mee te nemen in mijn oordeel.

Wat ik tegenkom als ik verder loop, is kenmerkend voor Amsterdam zolang ik er kom: fietsen verspreid gestald in een wijk. Veel Amsterdamse appartementen binnen de ring hebben geen afgesloten ruimte binnen, een berging of fietsrekken op straat. Ik dacht dat dit probleem – want dat is het toch? – inmiddels (na mijn vertrek in 2002) wel adequaat aangepakt zou zijn. Bijvoorbeeld met nette afgesloten fietskluisjes in de openbare ruimte. Niet dus.

De gestalde Amsterdamse fiets blijft onderdeel van de openbare ruimte. En: inmiddels gaat het niet meer om roestige barrels en rammelende stadsfietsen. Er staan prachtexemplaren tussen. Ik vind het zonde… Zonde van die mooie fietsen en zonde van het straatbeeld.

Voor de Berlagebrug sla ik rechts af en volg de Amstel richting centrum. Ik blijf dus aan de zijde van de Watergraafsmeer en hou uitzicht op de Rivierenbuurt, aan de overzijde. Ik loop over een heerlijk ruim trottoir en voel een verwijzing naar de Battery Park City Esplanade in New York. Helaas gooit ook hier een kluwen fietsen roet in het eten. Het uitzicht vanaf het straatmeubilair is hiermee verziekt.

Waarom hier geen stalling? De behoefte is er. Voorzien de werkzaamheden in en bij het Amstelstation, vanwege ‘de reizigerswens van nu 50.000 naar straks 80.000’, in een tweede fase wellicht in een fraai tocht- en vochtvrij onderkomen van fiets en brommer van reiziger, buurtbewoner en student? Of laat men met het nationaal vervoermiddel nummer 1 letterlijk in de kou staan? En dan vergeet ik het Youseum bijna, Amsterdam’s largest social media museum all about you and your world. Ongetwijfeld een bezoekersmagneet.

Wat mij in elke stad en dorp opvalt tijdens deze nare tijden van corona, is de gesloten horeca. Café Weesper was een favoriete pleisterplaats voor een welkom kopje koffie. Deze zijde van de Amstel is een perfecte plek om even te zitten, voor of na bezoek aan de drukte van de stad. Doorlopen nu.

Wat is dit? Ondergrondse afvalcontainers op een sokkel en omzoomd met kunstgras. Het zegt even krak in mijn hoofd. Ik lees in Het Parool als ik mijn fotoblog schrijf: ‘De Amsterdamse stadsdelen zetten een nieuw wapen in tegen afval dat naast vuilcontainers wordt geplaatst.’ Dat het kunststof groen als een magneet werkt om juist op die plek aanvullend vulles te parkeren, is evident.

Het Parool schrijft verder: ‘Inmiddels liggen verspreid over de stad honderdvijftig van deze kunstgrasmatjes rond vuilcontainers. De containertuintjes komen er alleen als de vuilcontainer is geadopteerd door buurtbewoners. Stadsdeelbestuurder Rick Vermin van Oost: “Het is toch een soort moreel appèl dat ervan uitgaat, waardoor er minder afval wordt neergezet.” Waarvan akte…

Ik ben nog lang niet op mijn eindbestemming. Er valt nog zoveel te zien en te beleven. Nieuwsgierig? Lees in deel 2 verder.