Waarom digitale transformatie in Nederland vastloopt

Arre Zuurmond en Wouter Welling hebben de laatste jaren veel invloed op het denken over digitale transformatie binnen de overheid. Hun visie gaat veel verder dan ICT, cloud of AI. Zij beschouwen digitale transformatie als een fundamentele verandering van hoe de overheid is georganiseerd.

Volgens Arre Zuurmond en Wouter Welling ligt het probleem niet bij technologie, maar bij de manier waarop organisaties zijn ingericht

Vanwege mijn ervaring in communicatie, verandertrajecten, IT-projecten en de publieke sector sluit het werk van Zuurmond en Welling goed aan bij mijn interesses. Beide heren kijken namelijk niet primair naar technologie, maar naar de samenhang tussen organisatieontwikkeling, leiderschap, communicatie, informatievoorziening en maatschappelijke opgaven. Dat is een bredere benadering dan de klassieke visie waarin digitale transformatie vooral een ICT-project is.

Arre Zuurmond en Wouter Welling

Arre Zuurmond is sinds januari 2022 de regeringscommissaris Informatiehuishouding van de Nederlandse overheid. Wouter Welling is programmadirecteur bij Digicampus, een innovatieve ontmoetingsplaats en netwerk waar overheid, wetenschap, bedrijfsleven (markt) en burgers samenwerken aan de digitale publieke dienstverlening van de toekomst.

Vanuit het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) wordt DigiCampus ingezet om de digitale innovatie van de overheid aan te sturen. De kern van hun gedachtegoed is de centrale stelling: de overheid heeft geen digitaliseringsprobleem, maar een organisatieprobleem.

Volgens Zuurmond en Welling proberen veel organisaties de overheid te digitaliseren zonder de onderliggende bureaucratische structuren te veranderen. Dat leidt tot wat Zuurmond regelmatig omschrijft als een ‘postkoets met hulpmotor’. Het komt neer op het automatiseren van oude processen die in essentie dezelfde blijven.

De toekomst van de Nederlandse overheid

De eerste stap die Arne en Wouter voorstellen is die van systeem naar maatschappelijke opgave. Traditioneel is de overheid georganiseerd rondom ministeries, afdelingen, wetgeving en budgetten.

Volgens hen zou de overheid georganiseerd moeten zijn rondom maatschappelijke vraagstukken zoals bestaanszekerheid, wonen, zorg, veiligheid en duurzaamheid. De burger ervaart immers geen ministeries, maar levensgebeurtenissen.

Ik ben het hiermee eens, te meer omdat het de uitkomsten omvat die ik mede vormgaf tijdens de eerste Nederlandse G1000, op 22 maart 2014 in Amersfoort. Een G1000 is een initiatief van de cultuurhistoricus en schrijver David Van Reybrouck. Het is een experiment in deliberatieve democratie waarbij ‘1000’ willekeurig gelote burgers samenkomen om politieke problemen te bespreken en aanbevelingen te doen.

Om een transformatie binnen de overheid te realiseren zullen de ruim 900.000 ambtenaren hun professionele ruimte moeten herstellen. Dit is nodig omdat professionals nu worden gestuurd door systemen, deze systemen de controle dienen en burgers uit beeld verdwijnen.

Het beoogde alternatief is een omgeving waar vertrouwen is in professionals, met een betere informatievoorziening, minder verantwoordingsdruk en meer ruimte voor vakmanschap. Eigenlijk zoals veel professionals in de IT, communicatie en politiek het al decennia zien.

Arre Zuurmond was als regeringscommissaris Informatiehuishouding zeer kritisch over de versnipperde gegevensuitwisseling binnen de overheid en pleit voor eenmalige registratie van gegevens, burgers eigenaar maken van hun gegevenspositie, organisaties laten samenwerken in netwerken en open standaarden. Voorbeelden en inspiratie zijn de Belgische Kruispuntbank voor de Sociale Zekerheid.

In de visie van Zuurmond en Welling gaat digitale transformatie nauwelijks over technologie, maar over leiderschap, governance, samenwerking, besluitvorming en organisatieontwerp. Eveneens thema’s waar al decennia over wordt gesproken.

Nieuwe software lost oude bestuurlijke reflexen niet op. Met traditionele functionaliteit kom je niet verder en blijf je steken in oude situaties. Kortom, als je doet wat je altijd deed, krijg je wat je altijd kreeg, en ‘Change is a Menace to Stability’ (Aldous Huxley, Brave New World, 1932).

In de ogen van Zuurmond en Welling is een ideale overheid proactief en helpt ze burgers voordat problemen escaleren, werkt ze samen over organisatiegrenzen heen en is zij uiterst transparant. De publieke waarde centraal stellen is een les die geleerd is uit recente misstanden zoals de toeslagenaffaire.

De toekomst van de Nederlandse overheid volgens Arre Zuurmond

Uitgave: Dwars door de Orde

Arre Zuurmond werkte zijn visie uit in het boek ‘Dwars door de Orde’ (2025). Daarin stelt hij dat Nederland nog grotendeels is ingericht volgens bestuurlijke principes uit de industriële samenleving, terwijl de maatschappij inmiddels digitaal en netwerkgericht is.

Hij beschrijft zeven invalshoeken voor een fundamentele transformatie van een regel gestuurde organisatie naar een responsieve overheid die publieke waarde creëert, gegevens slim benut en burgers als volwaardige partners ziet. Een droom, of binnenkort werkelijkheid?

De zeven invalshoeken zijn:

Maatschappelijke benadering
De overheid moet niet langer uitgaan van haar eigen processen, maar van de maatschappelijke opgave. Burgers moeten beschikken over een gelijkwaardige informatiepositie, zodat zij samen met de overheid kunnen handelen en besluiten nemen.

De uitvoerend professional
De relatie tussen burger en uitvoerend professional (zoals een wijkagent, verpleegkundige of klantmanager) moet centraal staan. Professionals hebben meer ruimte, vertrouwen en handelingsvrijheid nodig om maatwerk te leveren.

Gegevensdeling
De huidige versnipperde ICT-landschappen belemmeren samenwerking. Zuurmond pleit voor veilige, gestandaardiseerde gegevensuitwisseling, geïnspireerd door onder meer de Belgische Kruispuntbank.

Responsief bestuursrecht
Wet- en regelgeving moeten de bedoeling van beleid ondersteunen in plaats van uitsluitend rechtmatigheid en procedure. Bestuursrecht moet burgers beter helpen in plaats van hen vast te zetten in regels.

Biomimicry
De overheid kan leren van de natuur: adaptieve, veerkrachtige en zelforganiserende systemen bieden inspiratie voor een overheid die beter kan omgaan met complexiteit en verandering.

De rol en positie van de CIO Rijk
Digitalisering is geen ondersteunende ICT-functie meer, maar een strategische bestuursopgave. De CIO moet zich ontwikkelen tot een regisseur van innovatie en organisatieverandering. Zie CIO Rijk.

Politieke ideologieën
De diepste laag van de transformatie ligt volgens Zuurmond in het dominante bestuurlijke paradigma. De overheid is nog sterk gericht op rechtmatigheid, controle en efficiëntie, terwijl een digitale samenleving vraagt om responsiviteit, publieke waarde en vertrouwen.

De afgelopen maanden schreef ik diverse artikelen die dit laatste onderwerp aanraken:

De toekomst van de Nederlandse overheid volgens Wouter Welling

Transformatie Therapie

Wouter Welling werkt nauw met Arne Zuurmond samen aan het verder uitdragen van bovenstaande ideeën. Dat gebeurt onder meer via de podcast- en gespreksreeks ‘In Transformatie Therapie’, een samenwerking van FUTUR, Digicampus, Staat van de Uitvoering, Vereniging voor Overheidsmanagement, Informatieacademie, TU Delft en Overheid van Nu.

In de podcasts onderzoeken zij met bestuurders en professionals waarom veranderingen in onder meer de volkshuisvesting, sociale zekerheid, jeugdzorg en gebiedsontwikkeling vaak vastlopen. Hun terugkerende boodschap is dat de grootste belemmeringen niet technisch zijn, maar liggen in sturing, organisatie en systeemlogica.

De langspeelplaat blijft steken in dezelfde groef: ook deze weeffouten en hindernissen worden al decennialang aangetoond. Het is de hoogste tijd om gesprekken over deze thema’s in te ruilen voor actie. En ik hoop dat de overheid tijdens mijn leven nog vooruitgang zal boeken, in het voordeel van de burgers en in het voordeel van haar werknemers.

Recente aandacht voor digitale transformatie

Er zijn goede redenen waarom de visie van Arre Zuurmond en Wouter Welling veel aandacht krijgt. Hun ideeën sluiten aan bij actuele ontwikkelingen zoals de menselijke maat in de publieke dienstverlening. Die was er altijd al, maar de noodzaak is de afgelopen affaires toch wel serieus aangetoond. Daarnaast verdringt de dominante positie van technologie creatieve dialogen waar de mening van de mens dreigt te verdwijnen in wetenschap, een brij van data en feiten die onweerlegbaar lijken.

Daarnaast is er een informatievoorzieningsconcept voor Nederlandse gemeenten dat de manier waarop gemeenten met data, applicaties en dienstverlening omgaan fundamenteel wil veranderen, genaamd Common Ground (inclusief zelfscan) .

Het gaat hier om een programma van VNG Realisatie (Vereniging Nederlandse Gemeenten, VNG) en is inmiddels uitgegroeid tot een landelijke beweging. Het doel is om gemeenten wendbaarder, digitaal toegankelijker en beter in staat te maken samen te werken. De kern van Common Ground, scheid data, processen en applicaties van elkaar, sluit naadloos aan op het gedachtengoed van Zuurmond en Welling.

Datagedreven werken is sowieso een trend die niet meer overwaait, net als ketensamenwerking, Digital Government en Agile Governance. Nederland schreeuwt om publieke waarde in plaats van uitsluitend efficiency.

De heren worden vaak uitgenodigd bij ministeries, uitvoeringsorganisaties en kennisnetwerken om over organisatieverandering en digitale transformatie te spreken. Zou het muntje gevallen zijn? Ik hoop dat er budget is, voldoende voorstellingsvermogen en professionele daadkracht.

<ik vul aan met recente initiatieven>